Sporen van een rijk Romeins cultuurlandschap in Esch

21-07-2021

Esch blijkt een rijk gevulde ‘archeologische archiefkast’ te zijn. Bij werkzaamheden aan de nieuwe waterkering zijn, tijdens de begeiding van RAAP, sporen van een Romeinse nederzetting aangetroffen. Deze nederzettinge bestond uit meerdere boerenerven.


Esch is in de archeologische wereld zeer bekend om één van de rijkste Romeinse grafvelden van Nederland die in de jaren ‘50 van de 20e eeuw op de Kollenberg te Esch zijn aangetroffen. Enkele jaren later kwamen aan de overzijde van de Esche Stroom, in Hoogkeiteren, nog rijkere graven aan het licht. De graven hadden een uitzonderlijke rijke grafinventaris, waaronder luxe glas- en vaatwerk, sieraden en zelfs een barnstenen beeldje van de wijngod Bacchus. De graafwerkzaamheden werden destijds onder grote belangstelling op de voet gevolgd door de inwoners van Esch.


 
Kindertekening van de archeologische opgravingen bij Hoog Keiteren.

Romeinse villa is boerderij

Het is zeer aannemelijk dat de doden in deze zeer rijke graven hebben behoord tot een welgestelde exclusieve bovenlaag van de bevolking. Hun residenties, waarschijnlijk villa’s, moeten hebben gelegen in de directe omgeving van de grafvelden. Tegenwoordig betekent het woord villa een luxueus woonhuis, maar voor de Romeinse tijd wordt hier een grote boerderij mee bedoeld die (deels) bestond uit steen. De villabewoners waren in feite de Gallo-Romeinse herenboeren. De landbouwproducten waren voor een groot deel bestemd voor de grote vestigingen langs de Rijn en de grote steden. Archeologen denken dat er waarschijnlijk twee villa’s hebben gelegen nabij Esch.

Tot voor kort zijn er nauwelijks nederzettingssporen van de Romeinen in Esch teruggevonden. De werkzaamheden aan de keringen in Esch hebben hier verandering in gebracht. Tijdens graafwerkzaamheden kwamen archeologische bodemsporen aan het licht van boerderijen. Dergelijke boerderijen zijn circa 7,5 bij 15 à 25 m met een rij zware eiken middenstaanders, wanden van vlechtwerk en leem en het dak van stro of riet.
In één van de boerderijen is een verdiept staldeel (potstal) aangetroffen waar de mest van het gestalde vee kon worden opgevangen. Als de potstal was gevuld met mest werd deze op een kar geladen en over de akkers uitgereden.



Zicht op de ontgraven werkstrook waarin in het vlak de rechthoekige contouren zijn de te zien van het staldeel van een Romeinse boerderij.


De boerderijen maken deel uit van een grotere nederzetting die bestond uit meerdere boerenerven met bijgebouwen en misschien wel een villa. Ondanks de werkzaamheden in het kader van de nieuwe waterkering beperkt zijn gebleven tot een smalle sleuf, zijn de aangetroffen bewoningssporen een belangrijke aanvulling op het rijke Romeinse cultuurlandschap in Esch. De projectarcheologen van RAAP, Els Rondags en Jan Roymans, spreken van het ‘leggen van een mozaïek’ waarvan vele ‘steentjes’ nog gezocht en gelegd moeten worden. Misschien krijgen in de toekomst ook de verwachte Romeinse villa’s een plek in het grote mozaïek.

« Terug